Op 20 september 2026 was Iris Pronk, boekenredacteur van Trouw, in de Ronda in TivoliVredenburg in gesprek met Nicolien Mizee, Ester Naomi Perquin en Stéphanie Hoogenberk.

Afspraken met je geliefde zet je niet in je agenda. Telkens wanneer Nicolien Mizee 20 jaar terugging in de tijd om haar faxenboeken te maken, trof het haar weer hoe anders sommige dingen gebeurd waren dan hoe ze het zich had herinnerd. En sommige heel belangrijke zaken stonden er helemaal niet in. Zoals Joost Prinsen ooit op TV verkondigde: Het was zo geheim dat ik het niet eens aan mezelf heb verteld!

Stéphanie Hoogenberk nam een voorbeeld aan Nicolien en schreef met haar podcastmaatje Janneke. Dingen opschrijven is goed om mentaal rein te blijven, zei die. Vooral voor vrouwen. Waarom nou speciaal voor vrouwen, daar kwam het panel niet helemaal uit.
Toen haar moeder ernstig ziek werd, kreeg hun correspondentie een groter gewicht.

Gespreksleider Iris Pronk vraagt: Hoe reageren jullie op de vraag: Is dit allemaal echt gebeurd?

Ester Naomi Perquin krijgt deze vraag nooit. Wat ze wel vaak meemaakt is dat lezers aannemen dat alles in haar boek echt gebeurd is.
Ze heeft de vraag wel voorbereid. Ik ben van nature achterdochtig, geeft ze aan. Op vragen over zaken die mensen kunnen nakijken, zoals haar verleden als gevangenisbewaker of haar relatie met een veel oudere man als meisje van 17, geeft ze gewoon antwoord.

Ben je je eigen levensverhaal beter gaan begrijpen door erover te schrijven?
Nee, zegt Ester, ik begreep het eerst en toen ben ik erover gaan schrijven.

Nicolien: Een heel vervelende presentator, ik zie hem nog weleens op de televisie, vroeg het mij eens als allerlaatste vraag. Ik sla de mensen soms ook gewoon het wapen uit de hand. Dan zeg ik uit mezelf wat er wel gebeurd is en wat niet. Je vormt het altijd om. Een verhaal moet een kop en een staart hebben. Dat is in het echt bijna nooit zo. Maar ik maak altijd wel van de kapper een pedicure, bijvoorbeeld. Ik ga er alleen geen broer bijverzinnen, want iedereen weet dat ik die niet heb.

Stéphanie: Ik zou willen dat ik zo zou kunnen liegen, dat lukt mij helemaal niet! Bij columns vragen mensen mij vaak: Is dit waargebeurd? Die vraag vond ik vervelend. Wat dacht je dan?

Iris: Precies andersom dus!

Stéphanie: Iemand had mij ooit heel erg gekwetst, dat had ik gedownplayed in onze corespondentie. Toen ik die om ging werken naar een boek, vond ik dat ik er wel eerlijk over moest zijn. Ik moest er een stuk bijschrijven, maar ik wist niet hoe ik dat moest oplossen. Precies toen kreeg ik ruzie met die persoon. Verschrikkelijk, maar voor het boek kwam het wel goed uit!

Iris: Wat jij schrijft, kan ook anderen raken. hoe ga je daarmee om?

Ester: Mensen die zoeken naar een klap voor hun bek, zullen die ook aantreffen. De blik waarmee je het boek leest, bepaalt alles: ‘Ze zal het wel weer verdraaien. Er staat helemaal niet hoe leuk we het hadden en hoeveel uitjes ik wel niet heb betaald’. Ze heeft ook haar eigen beleving van de waarheid, natuurlijk. Ze hoopte van bepaalde personen dat ze diep zouden lijden. Maar die hebben het boek niet eens gelezen.

Ik zou niet de buurvrouw van je moeder willen zijn, zei een interviewer tegen Stéphanie. ik moet me aan mijn waarheid vasthouden, vindt die. Andere mensen zullen haar er niet in herkennen. Maar zou zou zichzelf er wel in kunnen herkennen. Achteraf vind ik dat wel heel shit.

Nicolien: Niet al mijn columns zijn letterlijk zo gebeurd. Carmiggelt schreef in de derde persoon als het om hemzelf ging. Misschien zijn de ideeën hierover wel veranderd. Ik denk, ik vertel een verhaal. Maar jonge mensen verwachten dat alles echt is. Ik heb ook rechtszaken gehad. Maar de rechter vond: Dit is toch de waarheid van Nicolien Mizee. Er zijn een paar regels waar je je aan moet houden. Schrijf nooit over de gezondheid van een ander. Schrijf niet: mijn vader was een grote zak. Je kunt beter zeggen: ik VOND hem een grote zak.


Iris: Doen jullie ook aan zelfcensuur?
Stéphanie: Ja. Want ik ben ook niet helemaal knettergek!
Ik heb wel eens aan mijn vader gevraagd: Pa, moet ik dit eruithalen? Nee hoor, geen probleem. Er is vaak geen peil op te trekken waar mensen moeite mee hebben. Ik had een keer een stuk voor de Quote geschreven. Toen had ik opgeschreven dat die man een standbeeld van zichzelf in zijn huis had staan. Dat moest eruit. Vond hij ijdel overkomen. Maar een heleboel andere dingen die ik had opgeschreven konden gewoon blijven staan!

Ester gooit een balletje op over Het Zoutpad. Dat boek werd gepresenteerd als waargebeurd, maar bleek gelogen. Die kwestie speelt alleen buiten het boek, niet binnen de wereld van het boek, vindt ze.
Nicolien: Ze heeft werkelijk over alles gelogen om maar boeken te verkopen. Het was niet eens haar debuut!
Ester: Met de uitgever had ik een gesprek over, hoe autobiografisch gaan we het neerzetten. Dat is een heel viezig gesprek. Als dichter ken ik dat helemaal niet.
Stéphanie: Een recensent vroeg: is je verhaal waargebeurd? Ik vond het een beetje een kinderlijke vraag. Het is mijn waarheid. Ik vond de ethanasie van mijn moeder vreselijk. Iemand anders vond het prachtig.

Ester: Uiteindelijk moet iedere schrijver aan zichzelf verantwoording afleggen. En wat voor etiketje je dan op dat verhaal plakt, roman of autofictie, dat maakt voor de lezer helemaal niet uit.